Voordeel alle aard gezinswoning: Einde saga in zicht?

Strategica - Voordeel alle aard gezinswoning: Einde saga in zicht?

Wanneer een vennootschap aan haar bedrijfsleider een woning gratis ter beschikking stelt, wordt de bedrijfsleider hierop belast in de personenbelasting. Reeds jaren heerst er discussie en onzekerheid over de waardering van dit voordeel in natura. Een korte aankondiging van de Minister van Financiën brengt mogelijks licht aan het einde van de tunnel.

Waarover gaat het?

Wanneer een onroerend goed kosteloos ter beschikking wordt gesteld, wordt dit voordeel forfaitair gewaardeerd op basis van het kadastraal inkomen van de woning. Er zijn echter grote verschillen in waarderingsregels afhankelijk van wie eigenaar is van de woning, evenals de hoogte van het kadastraal inkomen.

Ter beschikkingstelling door een natuurlijk persoon

  • Het voordeel is gelijk aan het geïndexeerd kI x 100/60

Ter beschikkingstelling door een rechtspersoon

  • Niet-geïndexeerd KI ≤ 745 EUR: Het voordeel is gelijk aan het geïndexeerd kI x 100/60 x 1,25
  • Niet-geïndexeerd KI > 745 EUR: Het voordeel is gelijk aan het geïndexeerd kI x 100/60 x 3,8

Stel dat je woning een geïndexeerd KI heeft van € 1.500. Indien deze ter beschikking gesteld wordt door een natuurlijk persoon bedraagt het voordeel op basis van bovenstaande formule € 2.500.

Wordt deze woning echter door een vennootschap ter beschikking gesteld, dan bedraagt het voordeel € 9.500.

Dit aanzienlijke verschil in waardering schuilt hem in de verhogingsfactor van 3,8 die in bovenstaande formule vervat zit. Deze factor werd in 2012 door de Regering Di Rupo verhoogd van 2 naar 3,8 met als doel het onderbrengen van privé-vastgoed in een vennootschap te ontmoedigen.

Doel bereikt? Ja,...

In eerste instantie heeft de maatregel zijn doel zeker niet gemist. Vele bedrijfsleiders betalen heel wat meer personenbelasting op dergelijk voordeel.

De laatste jaren krijgen we dan ook steeds vaker de vraag of het niet voordeliger is om de woning uit de vennootschap te onttrekken. Hierbij dienen we de afweging te maken tussen:

  • Wat zal het kosten om de woning in de vennootschap te houden (taxatie als voordeel in natura)

EN

  • Zijn er financiële mogelijkheden om de woning uit de vennootschap te halen?
  • Wat zal dit extra kosten (registratierechten, meerwaardebelasting, verlies afschrijvingen,…)?

Bijkomend aandachtspunt in dit verhaal is dat de fiscus steeds meer tracht het kooprecht van 10% te hanteren bij dergelijke onttrekkingen.

Hierop gaan we nu verder niet in, maar het toont wel aan dat men je woning in de vennootschap als het ware naar de uitgang duwt, en je verplicht eerst aan de kassa te passeren.

Doel bereikt? …., maar toch ook niet

De laatste tijd lijkt het er echter steeds meer op dat de regering Di Rupo haar hand heeft overspeeld.

Het grote verschil in waardering tussen de terbeschikkingstelling door een natuurlijk persoon en een rechtspersoon, zorgde ervoor dat enkele bedrijfsleiders naar de rechter zijn getrokken.

De laatste jaren hebben een aantal rechtbanken en hoven dit discriminatoir karakter van de waarderingsregels bevestigd. Deze uitspraken gelden echter enkel voor de behandelde zaken. De fiscus bleef dan ook halsstarrig vasthouden aan de gekende waarderingsregels.

Wat brengt de toekomst?

Vorige week meldde Minister van Financiën Van Overtveldt echter dat hij het geweer van schouder zou veranderen, en het onderscheid tussen beiden systemen zou wegwerken.

Dit zou dan ook leiden tot een aanzienlijke belastingverlaging voor de bedrijfsleiders die een woning die eigendom is van de vennootschap privé gebruiken.

Verdere details omtrent de exacte toekomstige waarderingsregels zijn nog niet bekend.  Of de aankondiging van Van Overtveldt een lange termijnoplossing zal zijn, is bovendien nog koffiedik kijken.

De vraag stelt zich immers of een waarderingssysteem op basis van het kadastraal inkomen nog wel van deze tijd is. De Vlaamse Minister van Financiën Bart Tommelein noemde het kadastraal inkomen enkele maanden terug “een onrechtvaardig en totaal verouderd systeem”. Dit kadastraal inkomen is immers gebaseerd op de huurprijzen uit 1975.

En wat met het verleden?

Een glazen bol hebben we helaas niet, maar dat belet niet om nog actie te ondernemen met betrekking tot het verleden. U kan immers bezwaar indienen gedurende een periode van 6 maand te tellen vanaf de ontvangst van uw aanslagbiljet in de personenbelasting.

Dit betekent dat u vermoedelijk nog een bezwaarschrift kan indienen voor inkomstenjaar 2016. Dit aanslagbiljet hebben we immers de afgelopen maanden in onze bus mogen ontvangen.

Ook voor inkomstenjaar 2017 zal dit uiteraard mogelijk zijn, al is tegen het indienen van deze aangifte (mei – oktober 2018) de mist misschien al verder opgeklaard.

Voor de jaren voor 2016 zou u eventueel nog kunnen opteren voor een ambtshalve ontheffing al is de slaagkans beperkter.

Conclusie

De rechtbank was er al een tijdje van overtuigd dat de huidige regeling discriminerend is. Nu lijkt ook de politiek overstag te gaan. Op vandaag blijft het echter bij een aankondiging in de pers. Wat de toekomstige waarderingsregels voor het privégebruik van vastgoed in de vennootschap zullen worden is nog onzeker.

Bevindt u zich in dergelijke situatie? Laat u adviseren door een specialist ter zake. Strategica volgt dit alvast voor u op de voet.

Strategica - Voordeel alle aard gezinswoning: Einde saga in zicht?
"We hebben Strategica gevonden. Zij hebben ons glashelder de do's en dont's uitgelegd."
De Paepe – Landegem

Schrijf u snel in voor onze nieuwsbrief